w: Vind je het nog steeds goed om van hotelkamer te ruilen? Want je hebt al gedoucht zie ik. / c: Ik vind het prima. / w: Ik lig gewoon liever op een tweepersoons. / c: Ja dat zei je en dat snap ik. Mijn bagage is verder nog niet uitgepakt. We kunnen meteen ruilen als je wilt. / w: Met mijn lengte begrijp je? Dan kan ik zo diagonaal. / c: Een tweepersoons of twee eenpersoons, ik vind het beide even goed. Kan ik je een koffie aanbieden of een sigaret? / w: Kun je even een beetje ruimte maken alsjeblieft? / c: Je kunt er toch langs? / w: Mag ik iets zeggen? Je knoop. / c: Mijn knoop? / w: De knoop van je ochtendjas. / c: Wat is daarmee? / w: De knoop van je ochtendjas gaat open. / c: Zeg eens peignoir. / w: Peignoir. / c: Ja dat vind ik beter. / w: Sensueler. / c: Ja. / w: Klinkt beter. / c: Ja. Verder? / w: De knoop in je peignoir is aan het zakken. / c: Ik had ook niet verwacht dat jij hier al zo snel zou staan. / w: Straks valt ie open. / c: En dan? / w: Dan ben je naakt. / c: Is dat erg? / w: Nee. / c: Nee? / w: Nee, niet nee. Ik bedoel je slaat een regel over. / c: O, sorry. Is de peignoir al open? / w: Ik weet het niet. / c: Is dat erg? / w: Ik weet het niet. Zo dichtbij Carine, zo dichtbij. / c: Zo dichtbij. / w: De docent en de student. / c: Collega’s inmiddels Willem.
2026/2027
2026
2025
2024
2023
2022
2021
 
a: Introspectie? Ik heb dat gedaan, maar ik doe het niet meer. Het voelde te veel alsof ik een motor aan het herstellen was van een rijdende auto terwijl ik ook in de auto moest rijden en dus ook zélf die auto was, dus ja, ik heb het ermee gehad. Ik doe nu enkel nog de carrosserie, de buitenkant.